Het dagelijkse leven: een zenuwstelsel dat gewoon even pauze wil

Gepubliceerd op 25 februari 2026 om 10:00

Soms denk ik dat mijn zenuwstelsel een eenvoudige wens heeft:
een rustige dag.
Geen verrassingen. Geen lawaai. Geen chaos. Gewoon… normaal.

En soms lacht het leven dan vriendelijk terug en zegt:
“Leuk plan. Hier zijn breekwerken.”

Onlangs was zo’n dag.

Mijn huisbaas kwam om afbraakwerken te doen.
Op zich al een feest voor het zenuwstelsel: andere mensen in huis, lawaai, stof, beweging, het gevoel dat je huis plots geen veilige cocon meer is maar een werf met een voordeur.

Maar ik moest ook gaan werken.
Dus daar kwam meteen het volgende pakketje bij:

  • Schuldgevoel omdat ik niet kon helpen

  • Stress omdat ik niet wist of alles goed voorbereid was

  • En de klassieke innerlijke dialoog:
    Heb ik genoeg opgeruimd? Hebben ze plaats? Staat er iets gênants in de weg?

(Je weet wel. Die ene stoel met “tijdelijke rommel” die al drie weken tijdelijk is.)

Wanneer je zenuwstelsel gevoelig is, zijn dit geen kleine dingen.
Dat zijn allemaal mini-signalen van: opletten, opletten, opletten.

Tegen dat ik thuiskwam, was het werkvolk weg…
maar mijn hoofd stond nog volledig aan.

En toen gebeurde het: ik zag vooral wat er nog moest gebeuren.

Stofzuigen.
Dweilen.
Alles terug op orde krijgen.

Alsof mijn zenuwstelsel dacht:
“Oké, we hebben het overleefd. Nu snel de controle terugpakken.”

Maar ik moest ook nog naar de kapper.

Dus het werd: rush rush.

En dan denk je: als ik dat ook nog gedaan heb, dan kan ik eindelijk zakken.

Maar nee.

Want thuis wachtte nog een klassieker uit het moederschap:

  • Afwasmachine niet uitgehaald

  • Afwas in de goot

  • Wasmachine nog vol natte was

En daar stond ik dan.
Overprikkeld. Moe. Met een dweil in gedachten en lichte kortsluiting in het systeem.

En dan komt het mooiste stukje eerlijkheid:

Mijn dochter had de dag voordien nog gevraagd:
“Moet ik iets doen, mama?”

Waarop ik zei:
“Nee hoor.”

(Doelend op de afbraakwerken.)

Zij hoorde:
“Nee hoor.”

(Algemeen. Voor alles. Voor altijd. Tot in 2037.)

Dus eigenlijk stond ik vooral naar mezelf te kijken.

Het dagelijkse leven is soms geen grote drama’s.
Het zijn gewoon veel kleine dingen tegelijk.

En dat is precies hoe overprikkeling werkt.

Niet omdat je zwak bent.
Niet omdat je het niet aankan.

Maar omdat je zenuwstelsel geen machine is.

Een gevoelig systeem kan prima veel dragen…
maar niet alles tegelijk, niet onverwacht, niet met lawaai erbij, niet met schuldgevoel als bijgerecht.

Soms is het niet één grote stressor.

Het is:

  • breekwerken

  • werk

  • kapper

  • huishouden

  • kinderen

  • verwachtingen

  • en ergens daartussen nog proberen een mens te blijven

En misschien is de enige echte vraag dan niet:
Waarom lukt dit niet beter?

Maar eerder:
Wat zou mijn zenuwstelsel nu nodig hebben om weer te landen?

Misschien geen perfecte vloer.

Misschien gewoon vijf minuten stilte.

En misschien, heel misschien, volgende keer als iemand vraagt:
“Moet ik iets doen, mama?”

Dat ik dan zeg:
“Ja. Alles. Begin maar bij de afwasmachine.” 😅

Reactie plaatsen

Reacties

Er zijn geen reacties geplaatst.